Snappen

Op een koude avond was ik wat langer op mijn werk gebleven. Onder het raam hing een stel opgeschoten vlegels. Eén van hen zag mij opeens, waarschijnlijk tot zijn schrik. Hij besloot heel hard KANKERHOER naar me te schreeuwen en rende weg. Ik grapte nog tegen mijn collega’s dat ik veronderstelde dat het straattaal was voor “Oh wauw, daar heb je die leuke mevrouw die haar ziel en zaligheid legt in een promotietraject om kankerpatiënten en hun naasten te helpen“. Ik voelde me absoluut niet aangesproken, want ik weet immers heel zeker dat ik geen hoer ben. Bovendien ging ik er volledig vanuit dat ik geen kanker had. Dat was een jaar geleden. Nog geen drie weken later werd duidelijk dat ik een tumor had van 9 cm in mijn borst en meerdere uitzaaiingen in oksel en botten.

Als ik iets heb moeten leren in het afgelopen jaar, dan is het wel dat ik blijkbaar een slechte voorspeller ben of ik kanker heb en zo ja, wat die in mijn lichaam aan het uithalen is. Op 10 januari j.l. kwam er ook al zo’n volslagen verrassing toen opeens mijn hele hoofd vol kanker bleek.

Met olijke pretlichtjes in mijn ogen, bedacht ik onlangs dat dit natuurlijk niet hoeft te betekenen dat ik altijd word overvallen door slecht nieuws. Dat ik er niks van snap, kan immers ook onverwacht gunstige inzichten en uitkomsten bieden. Zoals dat het toenemende pakket lichamelijke ongemakken dat ik ervaar, misschien helemaal niet het gevolg is van kanker of van de ontstekingen rondom de acht grote tumoren en aangetaste vliezen in mijn hoofd. Misschien komen die ongemakken wel alleen van het medicijn Dexamethason en van de korte nachtjes die ik daardoor steeds maak. Al twee maanden draai ik immers op nachten van hooguit 4 tot 6 uur slaap.

Ik ben dol op experimentjes en ben dus -geheel tegen mijn eigen verwachting van een terminaal traject- de Dexamethason nu aan het afbouwen. Dat moet wel langzaam en met hele klein stapjes gebeuren, anders gaat mijn lichaam daarvan steigeren. Inmiddels zit ik op een duidelijk lagere daginname dan toen ik twee maanden geleden begon, zonder de voorspelde functionele uitvalsverschijnselen en zonder toename van hoofdpijn. Mijn vliegtuigje vliegt best lekker door.

Misschien ben ik 10 januari begonnen met een te grote hoeveelheid Dexamethason die mijn hoofd nog niet nodig heeft. Of misschien heeft de innerlijke rust die ik sindsdien ervaar een positief effect op de ontstekingshaarden rondom mijn tumoren. Kortom: dat het afbouwen lukt, zegt eigenlijk nog niets over de hoeveel kanker in mijn hoofd die ondertussen gewoon kan zijn toegenomen. Als ik in alle bescheidenheid eindelijk snap dat ik kanker niet snap, kan ik maar beter consequent zijn. En lekker genieten van alle dagen die heel veel beter zijn dan ik op 10 januari had durven dromen.

Vanaf vandaag weer een half pilletje minder!