Aapje

Sinds de ziekte van mijn lief, heb ik naast onverminderd enthousiasme ook soms te maken met sombere gedachten. Mijn eigen ziekte heeft die helaas versterkt. Voor het gemak beschrijf ik in deze blog die gedachten alsof het uitspraken zijn van een aapje op mijn schouder. Het aapje geeft commentaar op alles wat er gebeurt en alleen ik kan het horen. Gelukkig maar, want gezellig is het niet. Bewust spreek ik de woorden van aapje niet hardop uit.

Dat aapje heeft zich verdiept in de statistieken van ‘Triple Negatieve Borstkanker – met enkele uitzaaiingen’. Als ik iets duurs wil kopen zegt het aapje: “Zou je dat nou wel doen? De meeste patiënten zoals jij gaan binnen drie jaar na diagnose dood, een groot deel al het eerste jaar en hoeveel nut heeft dit ding als jij ziek op bed ligt? Da’s toch zonde?” Als ik papieren opberg in een ordner: “Moet je daar geen instructie bij maken, zodat je nabestaanden weten wat ze er mee moeten?”. Of als ik een vakantietje wil boeken omdat ik inmiddels zo graag eventjes uit de malaise wil stappen: “Tot en met de zomermaanden ben je waarschijnlijk misselijk en slap door de volgende chemokuur. De volgende zomervakantie vast weer ziek door nieuwe uitzaaiingen. Kun je dat huisje ook annuleren? En hoe moeten je medereizigers dat doen, als jij dan al dood bent?”. Voor dit aapje is het glas altijd half leeg.

Natuurlijk heb ik geprobeerd van aapje af te komen. Ik heb het weggestuurd, weg gemept, genegeerd en berispt, maar dat blijkt allemaal averechts te werken. Aapje wordt er alleen maar narriger van en zwiept boos met zijn staart. Ik ben ook met goede argumenten de discussie aangegaan. Uitgelegd dat ik misschien tot die kleine groep behoor die het wel overleeft. Ik heb aapje niet kunnen overtuigen. Want aapje is niets anders dan mijn eigen, logische angst en daar kom je niet zo makkelijk vanaf. Daarop probeerde ik rekening te houden met aapje en zette me in om alles voor nabestaanden zo goed mogelijk voor te bereiden – om hopelijk daarna weer me met leuke dingen bezig te kunnen gaan houden. Maar het was veel werk en daardoor raakte mijn glas ook steeds leger….

Gelukkig heb ik toch een goede oplossing gevonden: ik noem die ‘luisteren en doseren’. Als aapje weer van wal steekt, geef ik als antwoord: “Ik hoor je, maar ik ga daar even niets mee doen, want nu richt ik me op activiteiten die me energie geven. Maar kijk in mijn agenda: daar staat een moment geprikt binnenkort waarop je je punt weer uitgebreid mag maken. Daarna besluit ik wat ik met je punt ga doen.” Ik heb twee lieve mensen bereid gevonden om er steeds voor te zorgen dat er altijd binnen één of twee weken een afspraak in mijn agenda met één van hen staat. Een contactmoment waarin ze naar mij en mijn aapje luisteren. Ze hoeven geen oplossing aan te dragen, alleen maar te luisteren, ook naar die negatieve woorden (en desgewenst ik naar die van hen). Zodat aapje zich kan uitspreken en die woorden niet blijven rondhangen. Dat werkt. Soms is die troost al genoeg en hoef ik er daarna zelfs niets meer mee te doen.

Wetend dat het volgende verlossende moment al weer staat ingepland, rolt aapje zijn staart op, nestelt zich op een lekker plekje op mijn schouder en valt opgelucht en uitgeput in slaap.