Hart

Wijzend naar de CT scans op zijn beeldscherm legt de radiotherapeut-oncoloog uit wat het plan in hoofdlijnen is om de mogelijk achtergebleven uitzaaiingen zoveel mogelijk schade aan te brengen. In hoofdlijnen, omdat het gedetailleerde plan gebaseerd en doorgerekend zal worden aan de hand van de plannings-CT-scan die nog deze week gemaakt zal worden.

Zeer waarschijnlijk krijg ik 22 lage dosis bestralingen op mijn oksel en borstwand (waar de geamputeerde borst zat) gecombineerd met evenzovele hoge dosis bestralingen op het borstbeen. Daarna nog 3 zeer geconcentreerde bestralingen – heel nauwkeurig gericht op de aangetaste ruggenwervel. Elke bestraling betekent een separaat bezoekje aan het bestralingscentrum. Ik zal er bijna zes weken lang vrijwel elke werkdag heen moeten gaan; in het weekend wordt er niet bestraald en af en toe krijgt het apparaat een dagje respijt voor onderhoud. Als het een beetje meezit ben ik net voor oud & nieuw klaar met alle bestralingen. In het verleden (bij andere patiënten) behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst, maar wel de onderbouwde verwachting dat de kanker daarna op die plekken weg zal blijven.

De radiotherapie geeft mogelijk aantasting van de huid, al schijnt die huid zich binnen enkele weken ook weer keurig te herstellen. De bestraalde botten kunnen blijvend verzwakt worden, maar op de scans is goed te zien dat mijn botten nu sterk zijn, dus afgezien van wat stekende pijn wordt ook hier weinig blijvende ellende van verwacht. Op flinke vermoeidheid moet ik wel rekenen en dat kan nog heel lang daarna aanhouden.

Met veel kennis en kunde wordt er een bestralingsplan uitgewerkt dat vooral gericht is op bescherming van mijn hart, dat dicht bij de bestraalde gebieden ligt. Mijn hart pompt namelijk uitstekend en dat wil iedereen graag zo houden. Helemaal gezond en pijnvrij voelt mijn hart overigens niet. De rauwe rouw door het verlies van mijn vent die altijd naast me stond en ik nu zo nodig heb, de opgelegde kleine wereld waarin ik door de behandelingen en corona nu al zo lang vertoef, het energieverlies en het ontnomen vertrouwen in een toekomst, ze drukken op mijn hart. Dat euvel en die pijn kan radiotherapie helaas niet wegstralen. Maar de sympathieke, goed luisterende radiotherapeut-oncoloog en zijn hartelijke collega’s willen duidelijk wel alles doen om mijn hart in alle opzichten zo veel mogelijk in de watten te leggen.